Skip to content

De verdroning van de (geo)wereld

2016 October 26
by Jw

Tijdens een recent bezoek aan de grootste geomarktplaats ter wereld, de Intergeo, werd het alle bezoekers meteen duidelijk dat drones de (geo)wereld gaan overnemen: het was voor de meer dan 15 duizend bezoekers bijna onmogelijk om op enig moment géén drone te zien.

Op verschillende beursplekken in de vier Hallen van de Hamburg Messe was een kooi voor vliegende drones ingericht en voor de serieuzere vliegpoging was er buiten een flight zone opgezet. Zelfs een miezerige regenbui kon de glimlach niet van de dronebestuurders en toeschouwers afkrijgen.

Tijdens de Intergeo gaat het om ‘Wissen und handeln für die Erde’, vrij vertaald naar ‘kennis en er wat mee doen, voor de aarde’. Het is een goed moment om een blik op de nabije toekomst te werpen en om even weg te dromen over wat die toekomst kan brengen. Dat daarin steeds meer apparaten, zelfstandig én met elkaar verbonden, gaan meten is wel duidelijk geworden. Professionele kaartknutselaars* hebben hier baat bij: zij kunnen sneller en frequenter over actuele gegevens beschikken en deze ook sneller analyseren.

Te land, ter zee en in de lucht

De eerste associatie met drones is vaak de vliegende variant, een onbemande vliegende robot. De militaire versie kan terrein verkennen of doelen bereiken terwijl de bemanning veilig op een afgelegen basis zit te sturen. De vreedzame versie is meestal veel kleiner en bezorgt potentieel pakjes voor Amazon of Bol.com.

Tijdens de Intergeo stond vooral de professionele en vredelievende variant in het spotlight, die niet meteen in de rekken van uw elektronicagigant om de hoek of in de webshop ligt. Het formaat van deze drones, een kleine helikopter of vliegtuig, past niet snel in de gemiddelde gezinsauto. Bij dat formaat worden andere sensoren draagbaar: near-infrarood bijvoorbeeld of een laserscanner om tot een nauwkeurig hoogtemodel te komen. Octocoptors, met acht rotors en navenante geluidproductie, maken meer vracht mogelijk dan de quadcoptorvariant en zijn even wendbaar in de aansturing.

Het idee dat zo’n drone actief wordt aangestuurd door een professional, al of niet met een benodigde pilotenlicentie, raakt al uit de mode: drones worden zelfsturend en dankzij sense and avoid technologie ontdekken ze zelf de beste route. Je kan een drone zo het bos insturen en de bomen op de route automatisch laten ontwijken. De associatie met de Star Wars’speeder bikes is snel gemaakt.

Drones gaan op microniveau voor ons meten. Door langs bomen in een boomgaard te vliegen, wordt inzichtelijk gemaakt waar het laaghangend fruit hangt en waar juist niet. In zwermen zullen drones onkruid tussen de gewassen opsporen en vernietigen. Maar waarom zouden robots moeten vliegen? Er zijn ook speedbootjes met ingebouwde radar en fotocamera, die eenmaal in het water geplaatst een meer, het water en haar oevers structureel in kaart brengen.

Gelden er buiten nog vliegrestricties (zie de dronekaart van het Kadaster), de indoor drones hebben daar geen last van: zij zoeken zelf de weg door winkelcentrum, vliegveld of kantoorgebouw en leggen zo middels hoge resolutie camera’s en laserscanners de binnenwereld voor ons vast. Met een rijdende robot, een mapping trolley, shopt men nog nauwkeuriger naar data binnen een gebouw. Het opgeleverde 3D-model is slechts een eerste stap: de luchtvochtigheid, temperatuur, gehalte stofdeeltjes etc uit alle hoeken en kamers zullen al snel volgen. Voor de vastgoed sector zijn er genoeg toepassingen te bedenken. Via 3d.nl laat ervaren dat vastgoed heel anders beleefd kan worden. Veel uitnodigender voor een bezoek kan Kasteel Heeswijk niet digitaal worden gepresenteerd!

En voor op school?

De consumentenvariant van de drones wordt steeds kleiner en opvouwbaar en kan de eigenaar (middels gezichtsherkenning) automatisch volgen. Ze worden steeds betaalbaarder en vinden zo ook toepassing binnen het Geo-onderwijs. Dankzij drones wordt het gemakkelijk om vaker een onderzoeksgebied te monitoren. Op plaatsen waar de werkelijkheid sneller verandert dan de jaarlijkse luchtfoto is dat zeker een uitkomst. Dat een vliegbrevet verplicht blijft voor de geostudent van de toekomst maakt het werkveld alleen maar aantrekkelijker.

Kennis van de aarde opdoen wordt gemakkelijk. In het aardrijkskundeonderwijs van de toekomst kan een docent tijdens de les een drone opdracht geven om even over een meanderende beek te vliegen. Dat landschap kunnen de leerlingen in VR modus live op de eigen telefoon mee ervaren. En binnen de school kan de drone elk klaslokaal in kaart brengen en zo vaststellen of alles nog op z’n plaats staat. Op het schoolplein houdt de drone gebieden waar de vaste camera niet kan komen structureel in de gaten.

Dat het actiecamerabedrijf GoPro zelf met een drone is gekomen met de naam Karma, is een teken aan de wand. ‘Je leven opnieuw ervaren’ behoort nu tot de mogelijkheden. Voor we het weten zit er een drone in ons lichaam en kunnen we, alleen al door een object aan te wijzen, richting, afstand en omvang laten vastleggen. Maar of dat nu de gelukkige klasoplevert?

*een term geleend van Clive Thompson - Smarter than You Think

Verschenen op Geografie.nl op 26 oktober 2016.

Breng zelf de buitenwereld in kaart

2016 September 29

Op een zonnige septembermiddag genoten tweedejaars studenten Geo, Media & Design in Almere van een MapDay: een dag waarop zij zelf actief de wereld in kaart brachten.

Tijdens deze opleiding aan de Aeres Hogeschool Almere komen (nieuwe) media en aardrijkskunde samen. De opleiding stelt als eerste voorwaarde dat je aardrijkskunde en geografie (..?) leuk vindt. In het tweede jaar gaan de studenten ‘een stap verder in professionalisering’. Ze leren onderzoeken, ontwerpen, beheren en kennis toepassen. Data kwaliteit, ruimtelijke analyse, nieuwe media en communicatie staan ook op het lijstje, schrijft de folder.

Momenteel volgen deze studenten de module ‘Big data in a smart city’. Voor ze de big data induiken, was het vooral nuttig om even stil te staan bij little data: data die zelf door de studenten is vastgelegd. Een handige app daarvoor is Mapillary.

Mapparazi

Mapillary maakt het voor iedereen mogelijk om de buitenwereld vast te leggen: met de eigen smartphone, te voet of vanuit de auto. De Zweedse startup Mapillary had zelfs van die handige klemmetjes uitgeleend voor de fiets variant. De wereld vastleggen kan ad random: de app starten, rondlopen en automatisch foto’s maken. Niemand die daar nog vanop kijkt, in de nadagen van de Pokemon Go rage.

Als ware mapparazi legden de studenten alles wat op hun pad kwam vast: van schildpadden in het Weerwater tot het zwemparadijs bij het Beatrixpark, van gevaarlijke verkeerssituaties tot overvolle afvalbakken. Door een concrete opdracht werd structuur gebracht in het verzamelen van de ruwe foto’s: breng de bruggen in beeld voor de Gemeente Almere (er is nog wel eens gedoe met de kwaliteit), de oevers voor het waterschap Zuiderzeeland (hoe ziet die oever er uit op deze dag) en de fietspaden rondom het Weerwater (aan de zuidkant van dat meer zal in 2022 de Floriade ontstaan).

Resultaat

Nadat de foto’s werden geüpload heeft Mapillary ze keurig om een rij gezet. Foto’s die naast elkaar worden opgenomen lopen in elkaar over. Dat geeft een aardig beeld van ‘wat waar is’.  Maar Mapillary gaat verder: uit de beelden worden automatisch objecten herkend, te beginnen bij verkeersborden. De herkenning was niet 100 procent: soms werden er borden herkend, die in werkelijkheid geen verkeersbord zijn (zoals een spiegeling in het water), of werd het bovenste verkeersbord wel herkend, maar het onderste niet. De automatische herkenning doet zijn werk binnen een dag. Even was de opgenomen route de beste kaart van het gebied.

Wat hebben de studenten er van op gestoken? Vergeleken met Google Streetview is Mapillary minder nauwkeurig en van lagere beeldkwaliteit, maar wel veel actueler. En, met Mapillary kan je op veel meer plekken komen. Mapillary levert een zeer betrouwbare kaart op, aldus een van de deelnemers, want ik heb zelf de data ingevoerd. – Het is in ieder geval een leuke en leerzame ervaring geweest.

Meer foto’s

Mapillary maakt het wel heel gemakkelijk om de buitenwereld in kaart te brengen en zelf de topografie vast te leggen. De interpretatie laten we niet alleen aan de computer over, maar ook de geo-professional kan, wellicht met enige jaloezie op de studenten die de dag buiten hebben rondgefietst, nu van achter zijn scherm controleren of de data uit het veld strookt met wat er in zijn GIS is vastgelegd.

Het automatische herkennen opent perspectieven: veel topografie uit de werkelijkheid is op geen actuele kaart te vinden: na verkeersborden volgen postbussen, afvalbakken (als er niet teveel afval omheen ligt), zebrapaden en blindengeleidelijnen. Maar een serie foto’s op een rij maakt nog geen complete kaart. Daarvoor zijn veel meer foto’s nodig.

Geïnteresseerd? De eerstvolgende open dag van de Geo, Media & Design opleiding staat voor zaterdag 19 november op de kalender in downtown Almere. Een Mapillary workshop zou zo maar eens op de agenda kunnen staan.

- geschreven voor Geografie, verschenen op 29/9/2016

Last week: The Next Map!

2016 September 25

De volgende kaartAfgelopen week mocht ik een presentatie tijdens het ochtendprogramma van de Esri GIS Conferentie verzorgen. Het onderwerp: The Next Map*. Hoe ziet ‘de volgende kaart’ die wij maken eruit? Welke veranderende kenmerken heeft deze kaart? Waar komt de data vandaan? En hoe visualiseren wij deze data?

Drie jaar geleden ben ik tijdens mijn presentatie ingegaan op “ArcGIS als platform voor open innovatie”. Mijn stelling toen: organisaties stellen (bewust) de ramen naar buiten open om samen te innoveren. Aan de hand van voorbeelden van de Gemeente Rotterdam, Schiphol en Waterschap Scheldestromen heb ik laten zien hoe organisaties dat doelbewust en planmatig oppakken.

Dit keer ben ik ingaan op veranderende componenten van GIS: data, technologie en de mens. De data component valt dan bijzonder op: data is ‘geëxplodeerd’. Een goed voorbeeld daarvan is Topotijdreis, waarbij het voornamelijk om data gaat en veel meer minder om de technologie en de factor mens. Vanwege de beperkte tijd ben ik op slechts drie kenmerken van data ingegaan.

Data door iedereen 

Zelfs de reflectie van een verkeersbord wordt herkend

Het wordt steeds gemakkelijker om zelf (bewust) een bijdrage aan de kaart van de wereld te leveren. Zo nodigt startup Mapillary iedereen uit plaatsen te ontdekken, samen een kaart te maken en zo de wereld vast te leggen, gewoon ‘vanuit je smartphone’. Uit de series foto’s herkent Mapillary objecten zoals verkeersborden, auto’s (nummerborden, automerken etc), logo’s van bedrijven, mogelijk later ook zebrapaden en pijlen op de weg.

Tijdens een Mapday (map-middag) hebben de 2e jaars studenten Geo, Media & Design van de Aeres Hogeschool Almere de app uitvoerig getest. Met een opdracht van de gemeente Almere en het waterschap Zuiderzeeland op zak, hebben zij te fiets en te water de omgeving van het Weerwater verkend. Het resultaat van de dag is te vinden in deze storymap. Mapillary maakt het wel heel lastig om geen bijdrage aan open data te leveren.

Data van nu 

Als we aan kaarten denken, digitaal of niet, dan denken we vooral aan een foto van de werkelijkheid, een stilstaand beeld. We moeten er aan gaan wennen dat kaarten eerder op een live-video gaan lijken en zo ‘hyperactueel’ worden. Het moment NU staat op de kaart. De kaart blijft een model van de werkelijkheid, dat we als een regelmatig raster over de wereld heen spannen. Doordat we meer meten en opslaan over de wereld, wordt dat raster dunner, maar het blijft wel bestaan. 

Voor de ‘technische sprong in het diepe’ – op basis van huidige technologie- nam Ernst Eijkelenboom de aanwezigen mee in de actuele kaart: de OV Fiets “kaart” (hoeveel fietsen zijn er NU beschikbaar) en de OV kaart (welke trams zijn er NU drie minuten te laat). Als je deze en andere realtime bronnen opslaat ontstaat een big data omgeving. Dat werd gedemonstreerd aan de hand van meer dan een half miljoen posities van Pokemon’s, waar je eenvoudig doorheen kan navigeren en online analyses kan uitvoeren. Of Pokomonnen zo spannerder wordt of juist niet, kan ik niet beoordelen.

Data in beeld

Capture1Doordat de opgeslagen hoeveelheid data toeneemt (een half miljoen punten is nog maar het begin) wordt de visualisatie relatief belangrijker. De grijze canvaskaart helpt om contrast in de kaart te vergroten, maar dat is nog maar het begin van het grote weglaten.

Data in beeld brengen betekent niet altijd dat we de data op een scherm of in een app duwen. Hoe wij data nu op een heel andere manier kunnen ‘verbeelden’, heb ik aan de hand van een voorbeeld voor Bartimeus, de specialist voor slechtziende en blinde mensen, geïllustreerd. Op verzoek van Bartimeus heeft Niels van der Vaart een aantal 3D geprinte prototypes gemaakt van ‘voelbare kaarten’, die de omgeving van een school of de route naar de Albert Heijn verbeelden. Dat vraagt veel denken in de schoenen van de ander, de gebruiker van de ‘kaart’.

In een van de prototypes hebben we een model gegenereerd, waarin alle huizen een gelijke hoogte hebben, en de blindegeleidelijnen hoger zijn dan deze huizen. Ook hebben we een strippenkaart versie gemaakt. Het model vervormt hier de werkelijkheid behoorlijk (voor zienden), maar wij hopen dat het juist blinden en slechtzienden helpt om de werkelijkheid te verbeelden.

Springlevende atlas 

De enorm toegenomen beschikbaarheid van data vormt een relevant toekomstperspectief, dat interessant is om samen te ontdekken. Met de Levende Atlas heeft Esri een eerste aanzet gegeven om data gemakkelijk beschikbaar te maken. We kijken uit naar een Springlevende Atlas, waar kaarten van gisteren, van vandaag, van een uur geleden te vinden zullen zijn. Wie innoveert mee?

- Zo’n presentatie is altijd het resultaat van vele gesprekken en een ‘duwen en trekken’ aan vorm en inhoud. Waarvoor hierbij uitdrukkelijk: hartelijk dank!

 

* Een Engelse titel klinkt mogelijk wat hipper. Maar eigenlijk vooral nageaapt van ‘The Next Web’ conferentie, waar jaarlijks wordt vooruit geblikt over het web.